top of page
Screenshot 2026-01-06 at 1.21.49 PM.png
De Indiase miljardair gaat in beroep tegen de vrijspraak van kunstenaar Wim Delvoye uit Gent. In mei werd Delvoye vrijgesproken voor de dubbele verkoop van zijn kunstwerk 'Chapel'. De rechter oordeelde toen dat er geen bewijs was dat Delvoye wist dat het werk eerder al een eerste keer verkocht was. De zaak komt voor het hof van beroep in mei.

VRT nieuws

De zaak gaat over de verkoop van het werk 'Chapel' van Wim Delvoye, een schaalmodel van een gotische kapel. Op 12 januari 2013 is dat werk verkocht door een Zwitserse kunstgalerij aan een Indiase miljardair voor 650.000 euro. De betaling zou in 6 schijven verlopen, en die werden ook allemaal uitgevoerd. De koper ging er dan ook van uit dat het kunstwerk officieel van hem was.

​

Maar Delvoye had zelf geen idee dat het werk verkocht was. Hij had nooit een rekening of geld gezien. 2 jaar later verkocht hij het werk zelf, dit keer aan het Belgische bedrijf Katoen Natie, voor een bedrag van 400.000 euro.

​

De Gentse rechtbank oordeelde in mei dat Delvoye inderdaad niet op de hoogte was van de overeenkomst en dat hij dus noch bewust, noch met bedrieglijk opzet handelde. Delvoye bleef dus, volgens de rechtbank, eigenaar van het werk op het moment van de 2e verkoop.

Steen boven zijn hoofd

De Indiase koper gaat nu in beroep tegen die uitspraak. Wim Delvoye las het deze ochtend zelf in de krant. "Ik was nog niet op de hoogte gebracht. Maar volgens mijn advocaten kan ik op mijn 2 oren slapen. Maar eigenlijk mag je er nooit 100 procent gerust in zijn", vertelt Delvoye.

​

"Het is bewezen dat ik niet van de verkoop af wist en zelf geen euro heb ontvangen. Nu moet dit allemaal opnieuw. Ik leef met een steen boven mijn hoofd. Als ik het proces verlies, dan ben ik alles kwijt. Die man is zo rijk en heeft duidelijk een kort lontje."

​

Delvoye heeft vooral schrik voor de gevolgen. "Als ik een nieuwe rekening wil openen, dan gaan ze dat niet meer toelaten, omdat ze zien dat ik al voor de rechtbank moest komen. De gevolgen zijn zo jammer."

bottom of page